Longkanker

Longkanker, een longtumor, bronchuskanker, longcarcinoom of een longgezwel zijn allemaal verschillende namen voor dezelfde aandoening. Longkanker is een verzamelnaam voor meerdere types kanker waarbij een kwaadaardig gezwel zich ontwikkelt in de longen en uitgroeit naar de rest van je lichaam. Een uitzaaiing in de longen, ten gevolge van een ander soort kanker, noemt men geen longkanker.

Het is de op één na meest voorkomende kanker bij mannen en de op twee of drie na meest voorkomende kanker bij vrouwen. De laatste twintig jaar ziet men wel dat er meer vrouwen de diagnose krijgen dan mannen. Dit komt vermoedelijk door een veranderend rookgedrag. Een longtumor wordt namelijk veroorzaakt door roken of door langdurige blootstelling aan schadelijke stoffen die inwerken op je longslijmvlies.

Op zich ontwikkelt longkanker zich erg traag. Er kan wel twintig jaar zitten tussen de eerste blootstelling aan schadelijke stoffen en de vorming van kwaadaardige cellen. Het type kankercel dat zich ontwikkelt in jouw lichaam, zal bepalen hoe snel de kanker op zich evolueert.

Er zijn twee grote types van bronchuskanker: kleincellige en niet-kleincellige longkanker. 80% van de patiënten heeft last van een niet-kleincellige longtumor. Die wordt gekenmerkt door vrij grote cellen. In deze categorie zijn er nog drie subtypes met elk hun eigen groeisnelheid. De overige 20% ontwikkelt een kleincellige longtumor. Deze worden soms ook ‘haverkorrels’ genoemd. De kwaadaardige cellen zijn heel klein en kwetsbaar, maar ze delen zich ontzettend snel en verspreiden zich vervolgens doorheen heel je lichaam. Wanneer de diagnose van longkanker gesteld wordt, zijn er meestal al uitzaaiingen.

Symptomen

In het eerste stadium van de ziekte zijn er doorgaans geen symptomen, hierdoor wordt longkanker vaak laattijdig vastgesteld, als er al uitzaaiingen zijn. Dit maakt dat de prognose niet goed is.

De symptomen verschillen naargelang het type longtumor, naargelang de exacte locatie van het gezwel, de grootte van het gezwel en of er uitzaaiingen zijn.

Kriebelhoest

Deze houdt meer dan drie weken aan.

Kortademigheid

Piepende ademhaling

Heesheid zonder keelpijn

Pijn in je borstkas

Fluimen met bloedsporen

Het ophoesten van bloed noemt men ook wel hemoptoe.

Slikproblemen

Terugkerende longontsteking of bronchitis

Verdikkingen aan het uiteinde van je vingers

Ook wel trommelstokvingers genaamd.

Bolstaande nagels

Zwellingen in je gezicht of hals

Gezwollen lymfeklieren zijn hier een voorbeeld van. Dit komt door uitzaaiingen.

Vermoeidheid

Verminderde eetlust

Gewichtsverlies

Chronische koorts

 

Als je last hebt van bovenstaande symptomen, ga dan zeker bij je arts langs. Hij kan je grondig onderzoeken en de juiste diagnose stellen indien van toepassing.

Behandeling

Net zoals de symptomen wordt ook de behandeling bepaald door het soort tumor, de locatie van de tumor, de grootte ervan en eventuele uitzaaiingen. Verder wordt je algemene gezondheid ook bekeken, omdat men zeker moet zijn dat je voldoende reserves hebt om te herstellen van de gekozen behandeling.

Er zijn drie grote behandelingsopties: chirurgie, medicijnen via chemotherapie en bestraling. Vaak wordt er voor een combinatie van deze methodes gekozen.

Een operatieve ingreep

Dit is de meest wenselijke ingreep, maar helaas is het voor slechts een klein deel van de patiënten mogelijk. Eens er uitzaaiingen zijn, heeft een operatie geen nut meer. Bovendien kan men enkel opereren bij niet-kleincellige longkanker.

Tijdens een ingreep verwijdert men een deel van de long, een longkwab, dit wordt lobectomie genoemd. Soms haalt men ook een hele long weg, dit noemt pneumectomie.

De operatie kan zowel voorafgegaan worden door of gevolgd worden door chemotherapie of radiotherapie. Na de ingreep krijg je kinesitherapie om opnieuw te leren ademen en om je krachten op te bouwen. Het is dan ook een erg zware ingreep.

De prognose na een operatieve ingreep is niet zo positief. Slechts 10% van de patiënten is vijf jaar later nog in leven. 60% overlijdt reeds binnen het jaar.

Chemotherapie

Wanneer er niet geopereerd kan worden, zal er vaak chemotherapie gegeven worden. Dit is de toediening van medicijnen. Het kan oraal, via inspuiting of via een infuus gebeuren. De exacte mix van medicijnen wordt bepaald door je dokter. Soms spreekt men ook van doelgerichte therapie, dan wordt er gekozen voor medicijnen die een specifiek doel hebben naar jouw kankercellen toe. Het kan ook zijn dat je dokter je voorstelt om een experimenteel geneesmiddel een kans te geven.

Bestraling

Radiotherapie is bestraling met ioniserende stralen. Dit kan zowel om de symptomen van longkanker te verminderen, als preventief om uitzaaiingen naar de hersenen te voorkomen. Bovendien is het ook vaak een ondersteunende behandeling voor of na een operatieve ingreep. De bestraling op zich is pijnloos en duurt telkens maar enkele minuten. Bij longkanker wordt er meestal uitwendig bestraald.

Symptomatische behandelingen

Wanneer genezing niet meer mogelijk is of ter ondersteuning van een curatieve behandeling kunnen er ook symptomatische behandelingen plaatsvinden. Zo kan er bijvoorbeeld een stent gestoken worden om een vernauwd bloedvat of luchtweg open te zetten. Met behulp van laserstralen kan een verstopte longpijp vrijgemaakt worden. Een pijnlijke botuitzaaiing kan bestraald worden. Een prothese kan in de luchtpijp of longpijp geplaatst worden om het ademen te vergemakkelijken.

Al deze behandelingen hebben als doel het verhogen van je levenskwaliteit.

Lasertherapie

Via laserlicht probeert met kankercellen te vernietigen.

Endobronchiale therapie

Hierbij wordt er een bronchoscoop in je luchtweg ingebracht om daar rechtstreeks te kunnen behandelen.

Alternatieve behandelingen

Zij zijn een aanvulling op je behandeling in het ziekenhuis. Deze behandelingen kunnen je niet genezen, maar ze verhogen soms wel je algemeen welzijn doordat ze je behandelen als mens in zijn geheel. Bespreek een alternatieve behandeling steeds met je arts om zeker te zijn dat ze niet schadelijk is in combinatie met de operatie, je chemo of de bestraling.

Voorbeelden van alternatieve behandelingen zijn een dieet, acupunctuur en homeopathie.

Psychologische en psychosociale begeleiding

Het krijgen van de diagnose longkanker is een erg ingrijpende gebeurtenis die je ganse leven beïnvloedt. Daarom is extra begeleiding zeker aangewezen.

Onco-revalidatie

Dit heeft tot doel het verhogen van je fysieke conditie en het verbeteren van je levenskwaliteit via het doen van oefeningen.

Loading...