Kanker

Kanker is een overkoepelende term voor alle aandoeningen waarbij kwaadaardige cellen zich onbeheerst beginnen te vermenigvuldigen en zich gaan verspreiden doorheen gans je lichaam. Er zijn ontzettend veel verschillende kankers. In de eerste plaats worden ze onderverdeeld naargelang de plek waar de eerste kankercellen ontstaan zijn. Zo is kanker die in je borst ontstaat en dan problemen veroorzaakt in je lever geen leverkanker, maar borstkanker.

Gezond weefsel vermenigvuldigt zich enkel om te vernieuwen of herstellen. Dit alles wordt geregeld door een complex geheel van groeibevorderende en groei remmende factoren. Wanneer er een foutje optreedt in deze samenwerking kan er een mutatie van een cel plaatsvinden, waardoor deze cel zich zomaar begint te vermenigvuldigen en zijn oorspronkelijke functie of vorm verliest. Al deze nieuwe cellen vormen samen een tumor. Je hebt zowel goedaardige als kwaadaardige tumoren. Bij een kwaadaardige of maligne tumor spreekt men van kanker.

Een tumor richt sowieso schade aan in het orgaan waar hij zich bevindt, doordat hij plek opeist van de gezonde cellen. Een maligne tumor gaat echter nog een stap verder: hij beschadigt niet enkel het orgaan, maar vernietigt het ook. Na verloop van tijd zullen de kankercellen zich via je bloed of je lymfevaten uitzaaien naar de rest van je lichaam. Dit noemt men metastasering. Wanneer kanker niet behandeld wordt, leidt het uiteindelijk tot de dood.

Er bestaan vijf verschillende kwaadaardige tumoren: sarcomen, carcinomen, lymfomen, blastomen en kiemceltumoren. Ze ontstaan alle vijf uit verschillende soorten weefsels of cellen die zich in je lichaam bevinden.

Wetenschappers kennen de juiste oorzaak van kanker niet, allicht speelt een complex geheel van zowel interne als externe factoren een rol. Intern spreekt men over familiale belasting, erfelijkheid, hormonen, een ontregeld afweersysteem… Externe factoren zijn bijvoorbeeld stoffen waar je met werkt, omgevingsfactoren, een infectie, een ongezonde levensstijl of stress.

De drie meest voorkomende kankers bij mannen zijn prostaatkanker, longkanker en darmkanker. Bij vrouwen is dit borstkanker, darmkanker en longkanker. Kinderen krijgen dan weer het vaakst leukemie, lymfomen en hersentumoren.

Symptomen

Doordat er zoveel verschillende soorten kanker zijn, zijn er ook enorm veel verschillende symptomen. De locatie van de kwaadaardige cellen, bepaalt voor een groot deel je klachten.

Wanneer je echter onderstaande symptomen herkent, maak je best een afspraak met je dokter. Hij kan dan bepalen of je werkelijk kanker hebt of niet. Het is van groot belang dat de diagnose zo snel mogelijk gesteld wordt, want dit vergroot je overlevingskansen aanzienlijk. Vanaf het moment waarop de maligne cellen zich verspreiden doorheen je lichaam, wordt de behandeling een stuk moeilijker.

Een gezwel of knobbeltje

Een veranderd gevoel ergens in je lichaam

Doordat het gezwel op andere lichaamsdelen, zoals je zenuwen drukt, kan er een gevoelsverandering ontstaan. Je kunt bijvoorbeeld last krijgen van tintelingen of gevoelloosheid op een bepaald stukje huid of in een lichaamsdeel.

Een functiebeperking

Het gezwel duwt niet enkel op zenuwen, maar ook op spieren en gewrichten. Hierdoor kan je beweeglijkheid beperkt worden. Wanneer de tumor op je darmen drukt, kun je dan weer last krijgen van constipatie of diarree. Andere voorbeelden van functiebeperkingen zijn moeilijk kunnen plassen of problemen hebben bij het slikken.

Bloedverlies

Kankercellen zijn geen gezonde cellen. Hierdoor geneest kankerweefsel slecht. Het gaat dan ook sneller bloeden. Dit kan je merken door kleine beetje bloedverlies als je hoest, in je stoelgang, bij het plassen, via je tepel…

Ga onmiddellijk naar je huisdokter wanneer je dit opmerkt!

Slecht genezende wondjes

Niet enkel intern, maar ook extern kun je merken dat kankerweefsel slecht geneest. Wanneer je een wondje op je huid of in je mond hebt dat maar niet wil genezen, ga er dan zeker even met langs je dokter.

Vermoeidheid

Verminderde eetlust en gewichtsverlies

Een langdurig aanhoudende hoest of blijvende heesheid

 

Door veranderingen in je stofwisseling, veroorzaakt kanker ook volgende symptomen:

Koorts

Een aanhoudende koorts zonder duidelijke oorzaak.

Afwijkingen aan je hersenen, zenuwen of spieren

Stollingsafwijkingen in je bloed

Huidafwijkingen

Een huidvlek die van vorm verandert, een nieuwe huidvlek, een ingetrokken tepel, rode huid…

Verhoogde hormoonproductie

Behandeling

Voor de juiste behandelingsmethode gekozen wordt, moet er eerst een correcte diagnose gesteld worden. Het soort kanker heeft namelijk een grote invloed op de behandelingswijze.

Je dokter zal je vragen stellen en beeldvormende onderzoeken voorschrijven, zoals CT-scan, MRI-scan, echografie, röntgenfoto… om te achterhalen welk type kanker je hebt. Soms wordt er ook een deel van het kankerweefsel verwijdert via een operatie of punctie om het te kunnen onderzoeken.

Door al deze onderzoeken weet je dokter welk soort kanker je hebt en hoe ver de kanker uitgezaaid is. Deze twee factoren geven al meteen richting aan je behandeling. Er zijn ook nog andere elementen die in rekening gebracht worden. Een compleet multidisciplinair team zal kijken naar je algemene gezondheidstoestand, naar andere aandoeningen die je eventueel hebt, naar je leeftijd en naar wat je zelf wil.

Door rekening te houden met al deze factoren, kan men de voor jou beste behandeling opstarten.

Er zijn twee soorten behandelingen:

Een curatieve behandeling richt zich op definitieve genezing.

De palliatieve behandeling is erop gericht de ziekte te vertragen of tijdelijk te stoppen. Zo wordt je leven met enkele weken, maanden of jaren verlengd. Definitieve genezing is echter niet meer mogelijk in dit stadium. Let wel op: een palliatieve behandeling is niet hetzelfde als palliatieve zorg. Palliatieve zorg wordt de laatste weken van iemands leven gegeven om het leven nog zo comfortabel mogelijk te maken voor die persoon. Er worden dan geen vervelende behandelingen meer uitgevoerd, terwijl dit bij een palliatieve behandeling wel zo is.

De behandeling van kanker bestaat doorgaans uit een combinatie van chemotherapie, radiotherapie en een chirurgische ingreep. Verder zijn er nog een aantal extra behandelingsopties.

Chemotherapie

Via een infuus of via orale medicatie krijg je de chemo toegediend. De medicijnen veroorzaken veel bijwerkingen doordat ze niet enkel je kankercellen aantasten, maar ook het gezonde weefsel.

Radiotherapie

Via gerichte stralenbundels worden het gezwel en het omringende weefsel behandeld. Het gezonde weefsel rondom de tumor wordt dus mee beschadigd, maar het herstelt zich wel veel sneller dan het kankerweefsel. Ook deze therapie veroorzaakt veel bijwerkingen.

Chirurgische ingreep

Via een operatie gaat men het kankerweefsel en een marge van gezond weefsel verwijderen. Vaak wordt een ingreep voorafgegaan door chemo of bestraling om de tumor alvast te verkleinen, zodat de operatie minder ingrijpend is. Ook na een ingreep wordt er meestal nog bestraling of chemo voorgeschreven om kwaadaardige cellen die mogelijks in je lichaam zijn achtergebleven te vernietigen.

Hyperthermie

Dit is warmtebehandeling. Hyperthermie wordt doorgaans in combinatie met chemo of bestraling gegeven, omdat het de werking ervan verbetert. Door de warmtebehandeling is er een verhoogde bloeddoorstroming, waardoor de medicijnen beter verspreid worden. Verder verhoogt ook de aanvoer van zuurstof, wat de werking van radiotherapie verbetert.

Hormoonbehandeling

Gentherapie

Immunotherapie

Medicijnen

Er kunnen verschillende geneesmiddelen voorgeschreven worden om de bijwerkingen van je behandelingen of de symptomen van je kanker op te vangen.

Loading...